Leestijd: 3 min

Afzonderlijk van elkaar hebben brancheverenigingen NOGA en VNLOK de conclusie getrokken dat het verbod op gokreclames juridisch ongegrond is. Beide organisaties hebben advocatenkantoren ingeschakeld.

Deze advocatenkantoren zijn van inzicht dat de huidige vorm van een verbod op gokreclames niet kan worden ingevoerd. Dit omdat het ontwerpbesluit grote juridische gebreken met zich meebrengt. Beide brancheverenigingen vinden dat er nader onderzoek uitgevoerd moet worden voordat er verdere maatregelen ingevoerd moeten worden.

NOGA laat het volgende weten:

‘’NOGA is fel tegen het verbod op ongerichte gokreclames. Bij deze dringt NOGA er bij het Ministerie op aan om het voorgenomen Besluit in de huidige vorm in te trekken en eerst te onderzoeken wat de effecten van de gokreclames zijn (geweest), enerzijds op de kanalisatie en anderzijds op de kwetsbare groepen en probleemgokken in Nederland.’’

Voordat er een grote beslissing wordt gemaakt willen zowel NOGA als VNLOK dat er een evaluatiemoment van de Wet Kansspelen op Afstand plaatsvindt in 2024. Tegen die tijd is er volgens de brancheverenigingen ook pas genoeg data om besluiten te nemen voor een verbod op gokreclames.

Brancheverenigingen op dezelfde golflengte

Beide partijen zitten op één lijn wat betreft een verbod op gokreclames. De advocatenkantoren van beide organisaties zijn tot dezelfde conclusie gekomen. Zij vinden het ontwerpbesluit juridisch gezien onhoudbaar. AKD zegt dat het verbod ‘’niet kan worden ingevoerd, omdat deze in strijd is met de kansspelwet en inbreuk maakt op verschillende (fundamentele) rechten en vrijheden’’.